Psychodiagnostisch onderzoek bij hoogbegaafdheid

Wanneer er vermoeden of sprake is van hoogbegaafdheid, kunt u als collega psycholoog of psychiater overwegen:

  • Psychodiagnostisch onderzoek om hoogbegaafdheid vast te stellen;
  • Persoonlijkheidsanalyse bij hoogbegaafdheid;
  • Advies therapie of coaching en persoonlijke verwijzing bij hoogbegaafdheid;
  • Voor collega’s is er mogelijkheid hoogbegaafdheid of vermoeden daarvan in hun leertherapie te onderzoeken of te integreren, zie daarvoor het Praktijkboek Hoogbegaafdheid in Psychotherapie.

Hierbij een paragraaf uit het boek over Zelfdiagnose van hoogbegaafdheid
Een redelijk objectieve zelfdiagnose is heel moeilijk voor de cliënt; hoogbegaafdheid past vaak niet in zijn zelfbeeld, en hij vergelijkt zichzelf negatief met uitzonderlijke en dus opvallende, alom erkende hoogbegaafde klasgenoten, medestudenten, collega’s, broers of zussen, familieleden (mensen in zijn toevallige referentiegroep en in de media).

Naast zelfonderschatting komt het omgekeerde ook voor: de cliënt wil te graag hoogbegaafd zijn, maar is het niet. Hij overschat zichzelf en wil compensatie voor negatieve ervaringen in het verleden (bijvoorbeeld falen en negatieve oordelen op school, studie of in het gezin), die in één klap zou worden gerealiseerd met de diagnose van ‘eigenlijk was en ben ik hoogbegaafd’.

Daarom is het van belang om de (verwachte) voor-/nadelenbalans van een mogelijke diagnose hoogbegaafdheid door te werken (de functieanalyse en ook te vergelijken met positieve en negatieve voorbeelden uit de omgeving en uit de media en de cultuur et cetera. Op wie zou je willen lijken en op wie zeker niet? Het gaat om het zelfbeeld, het beeld van de ander, de leergeschiedenis en persoonlijkheidstrekken en niet alleen om de intelligentie in engere zin. Eigenlijk is het IQ het minst interessant. En brede screening en persoonlijkheidsanalyse door een deskundig psycholoog is aan te bevelen en meestal ook noodzakelijk.

Stel uw vraag svp eerst via het contactformulier.